
Vóór en na restauratie |
 |
In augustus 2002 kon de VVAG, in samenwerking met de
eigenaar/ bewoner van het pand,
deze prachtige gespierde os opknappen.
De steen zelf zag er goed uit, slechts een dunne
laag bentheimkleurige verf bedekte het geheel,
maar twee dingen ontbraken duidelijk; de horens van
de os.
Wel zaten er twee opvallende gaatjes op de plek in
z’n kop waar ze ooit gezeten hadden.
Jan Hilbers heeft twee sierlijke loden horens
gegoten en deze in de iets dieper uitgeboorde
gaatjes gekit.
De achtergrond, het fond,van de steen is eerst
schoongemaakt en geïmpregneerd
en toen in zachte groenige en blauwige tinten
geschilderd.
De os werd in natuurlijke kleuren gezet.
Opvallend is de bewerking van de achtergrond,
gedeeltelijk vertikaal, gedeeltelijk horizontaal
reliëf in een brede frijnslag.
Het is vreemd dat zowel Suasso als de samenstellers
van de Monumentenlijst het beest een koe noemen;
het is toch duidelijk geen uier die aan zijn buik
hangt. |