In een
artikel in het Maandblad Amstelodamum (30ste
jaargang, 1943, pag. 80/ 84)
beschrijft H.W.
Alings een gevelsteen die hij aangetroffen had in de
tuin achter Keizersgracht 319.
Het betreft een
steen met een gezicht op een, aan een rivier
gelegen, stad
met op de onderrand Ao DE STADT
SCHUTEROP 1711.
De gevelsteen voor de restauratie, in het atelier van
Jan Hilbers
Via het Schetsboek van Suasso
kwam Alings er achter
dat de steen afkomstig was
van Keizersstraat 12, volgens hem omstreeks 1900
afgebroken pand.
Het is een gezicht vanuit het
noorden op de Duitse stad Schüttorf,
de rivier
op de voorgrond is de Vechte (Vecht), de kerk met
toren is de Laurentiuskerk.
De molen rechts
staat op een van de bolwerken aan de landzijde
en links zien we het koepeltje van de, in de tweede
helft van de 18de eeuw
voor afbraak verkochte
Heilige Geestkerk.
Alings weet niet de bouwer/
eigenaar van het huis in de Keizersstraat te
vermelden.
In 1650 tekent Jacob van Ruisdael
een stadsgezicht van Schüttorf
waarop de eerder
genoemde Laurentiuskerk voorzien is van een dak met
dwarskappen.
Hieruit mag de conclusie getrokken
worden dat de steenhouwer, gezien de weergave van
het dak van de kerk,
ofwel een oudere afbeelding
heeft gebruikt, ofwel er zich erg gemakkelijk van af
heeft gemaakt.
|
 |
|
Detail van de gevelsteen met
de twee kerken |
Gezicht
op Schüttorf, door Jacob van Ruisdael (ca.
1650) |
In 1967 publiceert T. den
Herder in het Maandblad Amstelodamum (pag. 61/ 63)
een aanvullend artikel en toont aan dat
inderdaad een inwoner van Schüttorf,
na zijn
verhuizing naar Amsterdam de steen heeft laten
aanbrengen.
In hetzelfde artikel vermeld Den
Herder dat de gevelsteen in 1950,
op de veiling
van de inboedel van Han van Meegeren (bekend door
o.a. enkele 'Vermeervervalsingen')
eigenaar/ bewoner van Keizersgracht 321, aangekocht
werd door de Nederlandsche Houtbond,
en nu (in
1967 dus) eigendom is van de heer W. Schutterop
die de steen liet plaatsen in zijn huis aan de Van
Heemstralaan
110 in
Arnhem.
In 1977 kwam de steen in bezit
van L. Schutterop, zoon van W. Schutterop,
die
het reliëf achtereenvolgens meenam naar Kalmthout in
Belgie en Sternberg in Duitsland
en bij
terugkomst in Amsterdam in 1988 de steen een plaats
gaf
naast de ingang van zijn appartement in
Buitenveldert.
Maar ook daar bleef de steen niet
lang.
De steen kwam n.l. bij John, de oudste broer van L. Schutterop, terecht.
John woonde eerst in Sint Joost (Limburg) en
verhuisde later naar Doorwerth.
De steen
verhuisde voortdurend mee,
maar
uiteindelijk op 25 september 2007 kon de VVAG de
steen verwerven
en keerde DE STADT SCHUTEROP
weer terug naar Amsterdam.
Detail van het schetsboek van Suasso, met de
vermelding van de steen
De VVAG bood de steen aan
Woonstichting Ymere aan,
eigenaar van de panden
in de Keizersstraat die daar na de voltooiing van de
Oostlijn van de Metro gebouwd zijn
en op 12
oktober 2010 werd de gevelsteen daar, op vrijwel de
oude kadastrale plek,
na een toespraak van Anke
Huntjens, regiodirecteur van Ymere
en een speech
van Jos Otten, voorzitter van de VVAG, feestelijk
onthuld.
We kunnen er nu
van uitgaan dat aan de omzwervingen van DE STADT
SCHUTEROP een einde is gekomen.o:p>
Onno Boers.