Het
rechterbeeld was zonder twijfel een liggende
leeuw met een forse kroon
waarop nog resten van bladgoud te zien waren.
Het linkerbeeld riep wat vragen op, was het een
leeuwin of een wolf?
Gezien de spitse snuit en de grote gepunte oren
is het geen leeuwin, hoewel dat wel logisch zou
zijn
(Twee identieke pakhuizen naast elkaar: Leeuw /
Leeuwin), maar duidelijk een wolf,
zoals ook in de Voorlopige Monumentenlijst van
1928 te lezen valt (pag.175, nr. 536-538):
”Op de bekroningen van 272- 274 een leeuw en een
wolf naar elkaar toegewend”.
Dr. M.Revesz- Alexander, de auteur van het
standaardwerk over Amsterdamse pakhuizen
(Die alten Lagerhauser Amsterdams, Den Haag
1928, pag 90
en afbeeldingen op pag. 93 en 94) noemt de
topfiguren foutief “das Lowenpaar”.
Na schoonmaak, oppervlaktebehandeling en
beschildering in de natuurlijke kleuren
en het vergulden van de kroon, keerden beide
beesten in de loop van 1992 weer terug op hun
oude plek.
De kroon blinkt prachtig in het zonlicht.