Home  Over geveltekens  Resultaten  Verdwenen  Gevonden  Links  Word lid!  Contact  Zoeken
Overzicht van de Amsterdamse gevelstenen

 
GEVELSTEENMUUR BEGIJNHOF Acht gevelstenen gerestaureerd
 
Schaduwwerking in de gevelsteen IN HELIAS Speech van Jos Otten tijdens de feestelijke onthulling

In 1961 werden in de blinde muur op het Begijnhof,
links naast het Houten Huis, acht oude gevelstenen ingemetseld.
Op initiatief van het (toenmalige) Katholiek Coördinatiecentrum voor vreemdelingen
en in nauw overleg met het Rijksmuseum, het Koninklijk Oudheidkundig Genootschap (K.O.G.)
en het bestuur van het Begijnhof kregen acht 17de en 18de eeuwse gevelstenen met bijbelse voorstellingen
een plaats in deze blinde muur.

Alle gevelstenen kregen, na inmetseling een saai verfje dat in de loop der jaren afbrokkelde en sterk vervuilde.
Ook langslopend vocht zorgde ervoor dat bij sommige stenen ernstige schade ontstond.
De onderrand van de steen met de vlucht naar Egypte bijv. was grotendeels weg
waardoor de tekst onleesbaar was geworden. 

      
Detail van de gevelsteen DE VLUCHT VAn EGIPTEN, vóór en na restauratie

In 2007 werd in overleg met de Stichting Het Begijnhof door de VVAG,
in de persoon van Richard Kuiper en restaurator Wil Abels een restauratieplan opgezet.
Allereerst werd boven elke steen een smalle zinken lekdorpel aangebracht
zodat het langslopende regenwater geen verdere schade kon veroorzaken.
Op hun oorspronkelijke plek in een woonhuisgevel zitten gevelstenen
vaak onder een, uit de gevel stekende vensterbank of raamdorpel.
Deze bescherming ontbrak in de vlakke muur op het Begijnhof.

Begin juli 2008 is Wil Abels begonnen met, per steen de oude en aangetaste verflagen te verwijderen,
oude cementreparaties werden uitgeboord en vervangen door herstellingen met speciale restauratiemortel.
Het polychromeren gebeurde aan de hand van aangetroffen oude kleursporen.

Gevelsteen  ABRAHAM

      
Vóór en na restauratie

Abraham staat met een opgeheven zwaard klaar om zijn zoon Isaac te offeren.
Deze ligt geknield en met gevouwen handen op een altaar.
Een uit de hoogte neerdalende engel houdt het zwaard tegen. (Gen. 22:10-13)
De steen is afkomstig van Lange Houtstraat 55 (waar nu ongeveer de Stopera staat).
In zijn Amsterdamsche Gevelstenen (2de druk 1949, pag. 33) noemt Alings de steen
met de opmerking dat het reliëf in 1945 verdwenen is.

Gevelsteen IN EMAVS 1626

      
Vóór en na restauratie

De drie Emmaüsgangers in een bergachtig landschap met op de achtergrond
een groot gebouw met koepeldak en toren (Luc. 24: 13-18)
De steen zat oorspronkelijk Elandsstraat 182 en is in 1881 door het KOG verworven.
De beeldhouwer van het reliëf heeft een gravure van Claes Jansz Visscher
naar Petrus Feddes van Harlingen (1586- ca. 1634) als voorbeeld genomen.

Gevelsteen DE GLOYENDE OVEN

      
Vóór en na restauratie

Steen waarop het verhaal van de drie jongelingen in de oven is voorgesteld (Dan.3:1-30).
De drie joodse jongens Sjadrak, Mesjak en Abelnego weigerden het gouden beeld,
dat koning Nebukadonossar had opgericht, te aanbidden.
Tot straf werden zij geboeid in een brandende oven geworpen.
Een engel daalde echter neer in de oven, doofde de vlammen en leidde de drie jongelingen naar buiten.
De steen zat tot ong. 1926 in Handboogstraat 14, een pand uit 1651.
Na een tijdlang in de tuin van het Stedelijk Museum gelegen te hebben
werd de steen in 1955 naar het depot van het Rijksmuseum overgebracht.

Gevelsteen DE VLUCHT VAn EGIPTEN

      
Vóór en na restauratie

Een variant op de welbekende voorstelling van Jozef, duidelijk herkenbaar als timmerman,
en Maria met het Kind in de armen, zittend op het ezeltje, op weg naar Egypte.
De steen is afkomstig van Westerstraat 40 en werd in 1875 daar nog door Jhr. Suasso aangetroffen.
Vanuit het depot van het Rijksmuseum werd de steen in 1961 hier ingemetseld.

Gevelsteen T GELOOF

      
Vóór en na restauratie

Een staande vrouw, in haar rechterhand een hart met een brandende toorts
(symbool van het Geloof dat de duisternis verlicht),
ze leunt met haar andere arm op een opengeslagen boek (de bijbel) geplaatst op een altaar.
Haar rechtervoet steunt op een vierkant blok steen (de hoeksteen, c.q. Christus).
Na de restauratie maakte het duidelijke decolleté bij de bewoonsters van het Begijnhof een onzedelijke indruk,
zij vroegen of het een beetje minder bloot kon.
De steen is afkomstig van Nieuwe Spiegelstraat 42
en maakte daar ooit deel uit van een reeks Geloof, Liefde en Hoop.
De steen met de Liefdeis bewaard gebleven in een particuliere collectie
(Zie Ons Amsterdam 12e jg. (1960) pag. 21).
Het Geloof werd in 1945 aan het KOG geschonken door de heer Chr. Tang.
Hij trof de steen aan in het door hem gekochte pand Herengracht 66.

Gevelsteen IN HELIAS

     
Vóór en na restauratie  

De profeet Elia aan de oever van de beek Krith ( 1 Kon. 17:4-6).
Van rechtsboven komt een vogel aanvliegen met een broodje in zijn snavel.
Het reliëf is afkomstig van Nieuwe Hoogstraat 3, een pand wat ANNO 1601 gedateerd was,
en werd in 1881 aan het KOG geschonken.
Opvallend is het, a.h.w. gegraveerde landschap op de achtergrond
en de opvallend grote voeten met sandalen van de profeet.
De tekst op de onderrand, welke grotendeels verdwenen was, is met verf gereconstrueerd.

Gevelsteen S IACOPSPOORT

      
Vóór en na restauratie

Een bebaarde pelgrim, herkenbaar als zodanig aan zijn mantel, hoed en staf
zit voor een kasteelachtig complex met een poort waarin een openstaande deur.
Wat de exacte bedoeling was van deze gevelsteen is (nog) niet bekend.
Zit de pelgrim voor de poort van Compostella ??
Het reliëf is afkomstig van Kalverstraat 125 en werd daar nog in 1875 door Jhr.Suasso gesignaleerd.
Vanuit het depot van het Rijksmuseum hier ingemetseld.

Gevelsteen IN DE SALVAETER

      
Vóór en na restauratie

Een prachtig gehakt borstbeeld van de zegenende Christus-Verlosser,
de rechterhand zegenend opgeheven, in de andere hand een wereldbol met kruis.
Jhr. Suasso zag in 1875 op Damrak 17 slechts de kop van de Christusfiguur en noteerde “door een bord verdekt”.
De beeldhouwer heeft het bovengedeelte van een prent van Jaques de GhijnII uit 1592 als voorbeeld gebruikt.

 

Terug